Hoe begin ik concreet vragen te beantwoorden?

  • Lees de vraag aandachtig, zodat je weet wat de docent van je verwacht. Moet je een begrip uitleggen? Moet je een eigen voorbeeld geven? Wordt naar je mening gevraagd of naar een objectieve weergave van feiten?
  • Duid belangrijke woorden in de vraag aan. Bv. kernwoorden, signaalwoorden zoals ‘niet’, ‘geen',…
  • Werk in een aantal stappen:
    • Stap 1: Haal de relevante elementen uit de vraag. Brainstorm. Laat in je opkomen wat bij de vraag hoort: vb. steekwoorden, ideeën, verbanden,... Op welke onderdelen in de cursus heeft de vraag betrekking? Kan je een voorbeeld geven, iets actueels toevoegen?
    • Stap 2: Schematiseer je antwoord eerst op je kladblad. Hier kan je je beperken tot kernwoorden en schema’s. Schrijf je antwoord niet volledig uit op je kladblad, daarvoor heb je niet voldoende tijd.
    • Stap 3: Herlees de vraag. Heb je alles gegeven wat er gevraagd wordt?
    • Stap 4: Hoe kan je de verschillende ideeën in één verhaal krijgen? Wat is jouw algemeen besluit?
    • Stap 5: Construeer nu je antwoord. Schrijf je antwoord over op je antwoordblad. Laat aan de docent zien wat je weet. Onderstreep de kernwoorden.