Waar moet ik op letten bij schriftelijke open vragen?

  • Schrijf duidelijk en leesbaar. Let op grammatica, spelling en leestekens. Zorg ervoor dat de docent je handschrift niet moet ontcijferen.
  • Denk goed na. Antwoord op een doordachte manier en niet te snel. Een antwoord op een open vraag creëer je niet in 1-2-3.
  • Hou je aan de voorziene antwoordruimte.
  • Hou de tijd in het oog. Verdeel je tijd over de vragen. Voorzie ook tijd om alles na te lezen.
  • Toon dat je de leerinhouden beheerst; maak de koppeling met relevante begrippen en theorieën uit cursus.
  • Doe wat de docent van je verwacht. Wil hij een bondig antwoord, wijd dan niet uit. Wil hij een schema, schrijf dan geen volzinnen.
  • Maak niet eerst het examen volledig in het klad, daarvoor heb je niet voldoende tijd.
  • Antwoord kort, maar krachtig. Draai niet rond de pot. Voor overbodige uitleg krijg je geen extra punten. Geef antwoord op de vraag.