Waar moet ik op letten bij de beoordeling van mezelf en medestudenten?

  • Zorg ervoor dat je goed op de hoogte bent van de beoordelingscriteria.
    • Voorbeeld 1: Jullie werken in groep aan een paper. Via peer assessment zal je de samenwerking tijdens het proces beoordelen op een aantal criteria.
    • Voorbeeld 2: Jullie leren hoe je een goede tekst moet schrijven en oefenen de criteria in door andersmans teksten te beoordelen.
  • Als je moet beoordelen via een waarderingsschaal, zorg ervoor dat je weet wat elke score kwalitatief betekent.
    • Voorbeeld van een veelgebruikte waarderingsschaal:
      • 3: beter dan de rest van de groep
      • 2: gemiddelde van de groep
      • 1: net niet als het gemiddelde van de groep
      • 0: geen hulp voor de groep
      • -1: hinder voor de groep
    • Ook andere waarderingsschalen zijn mogelijk.
  • Bespreek de beoordelingscriteria indien mogelijk vooraf in je groep of samen met de docent. Wat verstaan jullie onder deze criteria? Wanneer scoort iemand goed op elk criterium en wanneer niet? Pas de waardeschaal toe op elk voorbeeld.
  • Als je moet beoordelen via open feedback, zorg ervoor dat je weet hoe je constructief feedback geeft. Geeft de docent richtlijnen over hoe je feedback geeft? Neem de beoordeling au sérieux! Je bent medeverantwoordelijk voor het leerproces van je collega-studenten. Vriendjespolitiek of afrekeningen zijn niet zinvol.
  • Beoordeel eerlijk. Je medestudent leert daar het meeste uit. Hou het zakelijk.
  • Hecht belang aan je zelfevaluatie: beoordeel ook jezelf altijd op de criteria. Als je je eigen evaluatie naast de feedback van je medestudenten plaatst, krijg je zeer interessante inzichten.
  • Zorg ervoor dat de feedback die je geeft waardevol is, zodat je medestudent ermee aan de slag kan. Peer assessment ondersteunt je leerproces.
  • Hou je aan de vastgelegde procedure en de deadlines. Om het proces goed te laten verlopen, is het belangrijk dat je tijdig feedback geeft aan je medestudenten.