Werken aan Arteveldehogeschool

Veelgestelde vragen over het statuut en de arbeidsvoorwaarden

Statutair, contractueel, interim, OP & ATP ? Een introductie in hogeschool-personeelsstatuten

Je kan als medewerker op verschillende manieren verbonden zijn aan de Arteveldehogeschool: ofwel ben je statutair, ofwel ben je contractueel. Alle personeelsleden die betaald worden met de werkingsmiddelen van het departement onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap zijn statutairen. Contractuelen worden rechtstreeks betaald door de hogeschool met middelen die de hogeschool zelf verwerft (denk bijvoorbeeld aan inschrijvingsgeld of inkomsten uit projecten). Beide statuten bestaan naast elkaar en houden dus enkel verband met de financieringsbron. Er is geen verband met de inhoudelijke opdracht van medewerkers. Opdrachten met een mengvorm van beide statuten zijn mogelijk.

De belangrijkste rechten en plichten van statutaire personeelsleden zijn geregeld in de Codex Hoger Onderwijs; voor contractuelen is dat de arbeidsovereenkomstenwet. Het personeelsstatuut in hogescholen verschilt van dat in andere onderwijsniveaus. Opletten dus als sommige zaken vertrouwd klinken vanuit andere onderwijscontexten.

Een aantal arbeidsvoorwaarden verschilt tussen statutairen en contractuelen. De belangrijkste verschillen zijn de opbouw van pensioenrechten en de regeling bij ziekte. Een contractuele aanstelling kan nooit tot een benoeming leiden. Salaris en vakantiedagen zijn identiek in beide statuten voor gelijke functie-inhouden.

Statutair - contractueel medewerker

Een statutaire functie is vast (d.w.z. dat je benoemd bent), tijdelijk vacant ofwel ad interim. Statutair is dus geen synoniem voor benoemd. Naargelang de aard van je opdracht in de hogeschool behoor je als statutair personeelslid tot het Onderwijzend Personeel (OP) of het Administratief en Technisch Personeel (ATP).

  • Tijdelijk: het woord tijdelijk dekt een andere lading dan wat je er spontaan onder begrijpt. Een tijdelijk vacant ambt is een functie die voorzien is op de personeelsformatie (d.w.z. het jaarlijks vastgelegde personeelsbestand) en die niet door een ander personeelslid wordt ingevuld. Het gaat m.a.w. om ‘open uren’. Na gunstige evaluatie wordt de aanstelling verlengd, mits de functie het volgende academiejaar opnieuw wordt ingericht. Na twee jaarcontracten in het geval van OP en drie jaarcontracten in het geval van ATP, krijg je een aanstelling van onbepaalde duur. Een aanstelling in een tijdelijk vacant ambt kan uitmonden in een benoeming, mits er aan een aantal individuele en organisatiegebonden voorwaarden is voldaan.
  • Interim: een interimcontract is een tijdelijke aanstelling in een betrekking, ter vervanging van een personeelslid. Een interimcontract is per definitie voor bepaalde duur en loopt af wanneer de functiehouder terugkeert in zijn functie. Het gebeurt echter geregeld dat de functiehouder afwezig is omwille van een verlofstelsel en dat de interimopdracht voor een langere tijd blijft bestaan of omgezet wordt in een vastere aanstelling.

Contractueel: een contractuele overeenkomst kan zowel voor bepaalde als voor onbepaalde duur gesloten worden. De contractuele bedienden met OP-taken volgen de arbeidsvoorwaarden van het statutair OP; analoog geldt dat bedienden met ATP-taken de ATP-arbeidsvoorwaarden volgen. Contractuelen krijgen achtereenvolgens twee jaarcontracten, waarna een contract onbepaalde duur volgt.

Hoeveel ga ik verdienen ?

De brutomaandwedde is vastgelegd in salarisschalen die je kan bekijken op de website van Onderwijs Vlaanderen. Kies de huidige salarisschalen,  aangepast aan de geldende index. Bij elke vacature staat het nummer van de salarisschaal vermeld dat van toepassing is op de functie. Kies het tabblad tijdelijk (de brutowedde van een benoemd en tijdelijk personeelslid is gelijk maar de RSZ-afhoudingen zijn anders samengesteld).

De maandwedde is het reële bruto weddebedrag bij voltijdse tewerkstelling (de vermelde jaarwedde is nog niet geïndexeerd; vakantiegeld en eindejaarstoelage zijn nog niet verrekend in de jaarwedde).  Iedere salarisschaal voorziet in (meestal tweejaarlijkse) barema-verhogingen. Wie deeltijds werkt vermenigvuldigt het brutosalaris met het tewerkstellingspercentage om de brutowedde te kennen. Zie verder voor een indicatie van de anciënniteitsberekening.

Enkele voorbeelden van het maandsalaris bij 0 jaar en maximale anciënniteit, bij voltijdse tewerkstelling :

  • Salarisschaal 316 (praktijklector): 3.075,86€ - 4.834,70€
  • Salarisschaal 502 (lector): 3.305,72€ - 5.537,00€
  • Salarisschaal 581/582/583 (ATP-medewerker bachelor): 2.215,71€ - 4.031,13€
  • Salarisschaal 587 (ATP-medewerker master): 3.305,72€ - 5.537,00€

Andere voordelen:

  • uitgebreide vormingsmogelijkheden
  • tewerkstelling in de regio Gent
  • woon-werkverkeer met het openbaar vervoer wordt 100% terugbetaald. Wie met de fiets komt, kan rekenen op een fietsvergoeding. 
  • mogelijkheid tot het afsluiten bij een groepspolis hospitalisatie en verzekering 'privaat leven - individuele lichamelijke ongevallen' aan interessante voorwaarden. 
  • mogelijkheid tot deelname aan aankoopprogramma voor mobiele IT-devices (laptop, tablet)
  • culturele, toeristische en shopping-voordelen met de lerarenkaart
  • aankoopvoordelen via raamakkoorden die de hogeschool gesloten heeft

Hoe wordt de anciënniteit berekend?

Je eerdere professionele ervaring die relevant is voor de functie kan gehonoreerd worden in de weddeanciënniteit, met een maximum van 10 jaar. Dit wordt bepaald bij indiensttreding. Verschillende factoren bepalen de berekening van de anciënniteit. Zo verschilt de minimumleeftijd van wanneer werkervaring in aanmerking kan genomen naargelang de salarisschaal. Anciënniteit die werd opgebouwd binnen onderwijs wordt integraal overgenomen.

Hoe ziet de vakantieregeling er uit?

OP-leden hebben 50 vakantiedagen, ATP-leden 42 en 2 leeftijdsgebonden vakantiedagen. Arbeiders hebben 25 en 3 leeftijdsgebonden vakantiedagen.

Het merendeel van deze dagen zijn collectief vastgelegd in de paas-, zomer- en kerstvakantie. De overige dagen zijn vrij op te nemen rekening houdend met een aantal interne afspraken. De vakantiekalender wordt jaarlijks onderhandeld.

Wie uit dienst gaat bij een vorige werkgever krijgt een afrekening van het aantal vakantiedagen waarop hij recht heeft in het lopende en daaropvolgende jaar. In het onderwijs geldt een eigen systeem van vakantie-opbouw. Het vakantiedienstjaar en het vakantiejaar (dit is het jaar waarin de vakantie wordt opgenomen) lopen in geval van statutairen samen. Je bouwt dus van bij aanvang vakantierechten op voor het lopende jaar.

Meer informatie over werken in hogescholen (informatie Vlaamse Overheid)