Hoe scoor ik goed voor dit interview?

  • Gebruik zoveel mogelijk de ik-vorm bij de bespreking van de situaties, de acties die jijzelf nam en de effecten daarvan. Dat helpt je om jouw eigen aandeel en competenties zo duidelijk en helder mogelijk te beschrijven. Jouw handelingen/acties staan centraal, niet die van collega’s of leerlingen of patiënten, …
  • Bespreek zo waarheidsgetrouw en zo precies mogelijk jouw gedrag en vermijd daarbij te vertellen welke ideeën je daarover had (maar niet uitvoerde). Het gaat om het werkelijk gedrag.
  • Jecompetent zijn’ staat centraal en niet je ontwikkeling: situaties die misliepen en waar je zelf veel uit leerde zijn géén goede basis voor een competentiegericht interview (maar wel voor een begeleidings- of voortgangsgesprek of een reflectieopdracht).
  • Tijdens het gesprek kunnen jouw antwoorden zo getrouw mogelijk genoteerd worden.
  • Na afloop zal (zullen) de beoordelaar(s) samen nagaan of je met het antwoord op de vragen voldoet aan de criteria. De kernvraag is: Heb je iedereen overtuigd van de gewenste competenties?
  • Onthoud: de keuze, de analyse en de bespreking van de situaties en je gedrag is van belang in de beoordeling. Zoals hierboven reeds gezegd: kies voor het interview die situatie(s) die jouw beheersing van de competentie het best aantoont (aantonen).